16-12-09

3.Kachelkrikken en Sterrenvorming

IMG_0384

Hoofdstuk 3. Kachelkrikken en sterrenvorming

Er werden vandaag beelden vrijgegeven van sterrenstelsels, geleidelijk stervende en zij die in een fase van de geboorte zitten. Heerlijk toch, dat kunnen aanvoelen van verbanden met de symboliek van ook ons leven, dat niet buiten dat andere zou zijn kunnen ontstaan, als om aan te geven dat we in het hele proces van groei tussen leven en dood in feite ook met een deel van de ziel van aantrekking en afstoting van het ‘al’ bezig zijn.

De schrijver opende zijn kacheldeur en herkende ook in de gloeiende krikken iets van de beelden van de Hubble-telescoop. Ook de warmte van die gedachte hield hem in de winterkoude weg van de temperatuur van de ijsvlakte naast zijn casa. Het dode hout dat zich tussendoor niet altijd naar believen klieven liet, was geurig gezelschap in zijn handen. Geen enkele slag van boven zijn hoofd, was dezelfde, geen enkele kloof in het hout gelijk. De bomen wiens sappen al of niet bevroren waren, hij wist het niet; waren bijna stille getuigen van hoe het hen na hun dood zou vergaan. Het zwarte kattenjong van de in de tijd nog wilde kat, kwam voor de eerste keer voorzichtig kijken of er niet ook nog wat etensresten voor haar of hem waren. De wilde eenden hadden het gevecht om het water open te houden opgegeven en zwommen wat in de door die mens achter zijn lichtmachines opengehouden stukjes water. De tamme grote eenden, hun vliegkunsten door een verkoper weggesneden, waren razend op de eenden die een kruising tussen wild en tam waren en die de schrijver al vliegend naar de voederplaats volgden, terwijl zijzelf ter plaatste op het ijs trappelend er maar niet korter bij raakten. Leuke afwisseling voor de halfwilde eenden die eens niet op hun kop werden gezeten door de anderen terwijl ze zich de granen lieten smaken. De zon was enorm gloeiend van de partij, op die eerste paar vriesdagen al weer voorbij. Een wandeling in het bos deed de grond kraken en de nestkastjes vielen nu meer op in de winterse naaktheid van het bos.

Nodeloos te zeggen dat al die gewone heerlijkheden van het bestaan, de nodige rust brachten in de dagelijks benodigde hoeveelheid relativeringsvermogen en interpreteringsdrang van de man die het digits op een scherm liet regenen. De razernij van de snelweg ’s morgens bereikte als de wind tegenzat zijn oord van bezinning en de zon, die lachte daarmee, gewoon die bepaalde dag in het zoveelste van haar seizoenen volgend. Welke mediamisleidingen over het lopen in rondjes, zo eigen aan ons sterrenstelsel, zou de krant, het net, de radio weer brengen. Had hij ze al eens niet gerapporteerd via de één of andere analyse die in hen opkwam ? Welk een ontwikkelingen waren er op dit eigenste moment bezig tussen al de hem op één of andere manier bekenden en in hen zelve ?  Waar lag er daar bij het verlaten van zijn nederige oord een opdracht waarvan hij iets opsteken kon…daar kwam het na decennialange ervaringen toch op neer, dat was toch één van de voornaamste aspecten van al die soorten uitwisseling tussen mensen, naast het interpreteren en het genieten van de beleving ervan zelf ? Mensen helpen, het kon op duizenden manieren, maar het loslaten van de drang om overal willen in te grijpen, zo leek het hem…hielp vaak nog het meest. (wordt vervolgd)   

18:18 Gepost door blogkunstenaar in schetsen schilderen, sfeer | Permalink | Commentaren (0) | Tags: kachelkrikken, sterrenvorming |  Facebook |